Medicijnen in het verkeer en de nultolerantie

 

Tekst ©JosNijsten2005 – bijgewerkt in 2016

 

 

Waarover je zelden iets in de kranten leest is de invloed van legale drugs – medicijnen in het Nederlands – op het vermogen om een voertuig te besturen. Het is een wijd verspreide misvatting dat legale middelen geen negatief effect kunnen hebben. Een kwart van de Nederlandse autobestuurders rijdt onder invloed van medicatie die het rijgedrag kan beïnvloeden. In België werd hierover geen onderzoek gedaan en er zijn geen initiatieven om daar iets aan te doen. Nochtans lopen mensen die slaap- of kalmeermiddelen nemen twee- tot vijfmaal meer risico in het verkeer (ter vergelijking: voor cannabis is dat 1,8 keer meer). Zelfs een simpele hoestsiroop kan het rijgedrag beïnvloeden.

 

Volgens de Telegraaf (26.08.2005) rijdt tien tot vijfentwintig procent van de Nederlanders onder invloed van medicijnen. Dat wil zeggen dat honderdduizenden bestuurders dagelijks elkaar en anderen in gevaar brengen zonder dat de overheid ingrijpt.

 

Het probleem wordt zwaar onderschat. In België blijkt er geen geld te zijn voor een nieuwe studie en de laatste dateert van 1999.

 

Daaruit bleek dat in België een vijfde van de mensen die een ongeval veroorzaakt hadden, onder invloed waren van medicijnen.

 

Meestal gaat het dan om een combinatie van medicijnen met vermoeidheid of alcohol. Wettelijk is het verboden om onder invloed van medicijnen een wagen te besturen, maar een controle is te ingewikkeld. Daarom is de overheid eerder te vinden voor een affichekampanje om de gebruikers te sensibiliseren.

 

Er is ooit geopteerd om medicijnen van een logo te voorzien dat wijst op het gevaar. Maar bij het BIVV (Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid) vreest men dat de mensen zo een logo na een tijdje zullen negeren. Dokters en apothekers moeten hun patiënten waarschuwen, zeggen ze. In Nederland zegt men dat een strengere aanpak van chauffeurs die medicijnen slikken, niet wenselijk is. De stichting is bang dat mensen liever hun pillen laten staan dan hun auto. De stichting is wellicht ook heel bang voor de reactie van big farma.

 

De farmaceutische industrie heeft dat allemaal voorzien want in hun bijsluiters wordt geadviseerd geen voertuigen of machines te besturen. Daarmee dekken zij hun wettelijke verantwoordelijkheid in en schuiven de hete aardappel door naar het beleid. Maar slachtoffers van een ongeval zijn niet gediend met geleuter over sensibiliseren en afficheren. Die willen weten wie verantwoordelijk is en wie de schade zal vergoeden. Het is tijd om een halt toe te roepen aan het besturen onder invloed van medicatie. En dat kan met een eenvoudige behendigheidstest waarbij al die gevreesde en gevaarlijke elementen samengebracht worden. Op die manier kan uitgemaakt worden of een bestuurder in staat is om te rijden, welke ook de oorzaak is van een verminderde rijvaardigheid. Daar heb je echt geen gesofisticeerde apparaten voor nodig (zonder twijfel ‘made in China’). Een witte lijn van tien meter volstaat om de rijvaardigheid te beoordelen.

 

Mieke Schevelenbos (BIVV) in 2005: “Wij willen snel zo een studie in België want hier wordt het fenomeen nog altijd zwaar onderschat. Nochtans lopen mensen die geneesmiddelen slikken tot vijfmaal meer risico in het verkeer.” “Wij vragen al enkele jaren nieuw onderzoek maar momenteel hebben we nog geen partners gevonden die dit willen financieren …”

 

“Geen partners gevonden die dit willen financieren”? Waar gaan de honderden miljoenen aan boetes dan naartoe? Moeten die niet ingezet worden – of minstens een deel ervan – ter bevordering van de verkeersveiligheid? De angst om de farmacistische industrie tegen de schenen te stampen is in Europa duidelijk een groter probleem dan het drugsgebruik in het verkeer.

 

Nu we weten dat in België geen geld beschikbaar gemaakt wordt voor onderzoek baseren we ons verder op Noors onderzoek van 2007 waarbij gewezen wordt op de gevaren van medicijnen in het verkeer.

 

Alledaagse middelen zoals Ibuprofen verhogen de kans op een ongeval met 50 procent! Het gaat dan niet over een combinatie van medicijnen met alcohol of andere drugs maar uitsluitend over medicijnengebruik. Geen verboden drugs, enkel kalmeermiddelen, penicilline, codeïne, middelen tegen astma, enz.

 

De dossiers van drie miljoen personen die bij een ongeval betrokken waren werden onderzocht op een verband tussen het ongeval en het geneesmiddelengebruik. Maar liefst 79 procent van de personen die betrokken waren, hadden medicatie genomen. Bij de bestuurders die betrokken waren had zelfs 82 procent iets geslikt. Kalmeermiddelen bleken het slechtst te scoren. Ook aspirine en soortgelijke middelen speelden vaak een rol bij ongevallen, vermoedelijk omwille van hun werking op het centrale zenuwstelsel.

 

Speekseltesten tonen ook regelmatig “vals positieve uitslagen” door medicijnconsumptie. Onder andere de medicatie die toegediend wordt aan ADHD-patiënten, zoals Rilatine en Concerta, twee middelen die een molecule bevatten die sterk verwant is aan amfetamine (speed voor ADHD-kinderen).

 

“De uiteindelijke analyse leert wel dat het om een medicijn gaat”, zegt men bij het ministerie van mobiliteit. Ja, dat zal dan wel maar ondertussen rijden dagelijks honderdduizenden bestuurders ongestoord rond onder invloed van legale drugs. En hoe rijm je de vrijstelling op controle van al die legale drugs met de nultolerantie voor niet-zo-legale middelen. Het doel is toch de verkeersveiligheid, of niet? Akkoord als de verkeersveiligheid het doel is en de nultolerantie een vereiste is om dat doel te bereiken. Het is echter onmogelijk om te controleren op alle elementen die het rijgedrag beïnvloeden (vermoeidheid, medicatie, angstgevoelens, wraakzucht, mentale afwezigheid, ...). Zoals hier eerder vermeld kan een eenvoudige behendigheidstest volstaan om het rijvermogen te testen. De verkeersveiligheid is immers niet gediend met een selectieve controle. Nultolerantie voor de ene en een blanco check voor de andere, lijkt me even verkeersveilig als voorrang geven aan links behalve voor de vrachtwagens.

 

In 2015 verschijnt dan toch een rapport van het BIVV over de verkeersveiligheid, gebaseerd op het Europese DRUID project.