Beleidsverklaring van justitieminister Jo Van Deurzen

April 2008

 

Uittreksel: 3.5.5. Drugsbeleid

 

De regering zal het geïntegreerd drugsbeleid verder versterken, en richten op ontrading door preventie, behandeling, risicovermindering, re-integratie van verslaafden en versterkte repressie van producenten, trafikanten, groothandelaars en verkopers. We willen werk maken van een geïntegreerd drugsbeleid, gericht op effectieve ontrading via preventie, hulpverlening en repressie dat uitgaat van een nauwe samenwerking tussen de bevoegde overheden en diensten.

 

Justitie moet gepast en gedoseerd reageren op strafbare feiten.

 

Uiteraard is de bestrijding van de productie, de distributie en verkoop van illegale middelen de eerste prioriteit. Wat de controle van het drugsaanbod betreft kiezen we voor een versterkt repressief beleid. Zoals voorzien in het Nationaal Veiligheidsplan 2008-2011 zal bijzondere aandacht gaan naar het bestrijden van de productie van synthetische drugs en de cannabiskweek, de drugshandel (cocaïne-invoer en heroïnedoorvoer) en de straathandel (inclusief drugstoerisme*)

 

Om dat doel te bereiken zullen we specifiek (bovenop de politionele samenwerking) ook de justitiële samenwerking en het overleg met de aangrenzende landen intensifiëren, zodat deze samenwerking een structureel karakter krijgt. Dit moet leiden tot een doeltreffende bestrijding van de grensoverschrijdende drugscriminaliteit, ervoor zorgen dat gegevens maximaal uitgewisseld worden, en dat rechtshulpverzoeken adequaat worden opgevolgd en uitgevoerd.

 

Tevens wensen we samenwerkingsakkoorden af te sluiten met diensten zoals de douane, de havenautoriteiten, elektriciteitsnetbeheerders en leveranciers, … In samenwerking met het College van procureurs-generaal zullen we een beleid bepalen inzake de prioriteiten, een structurele aanpak hiervan, gericht op het in beeld brengen van de volledige criminele drugsketen, inclusief het onderzoek naar de herkomst van de drugs, de opdrachtgevers, de afzetmarkt, de criminele opbrengsten, …

 

Wat betreft de aanpak van drugsgebruikers en verslaafden willen we alternatieven voor een gerechtelijke sanctie stimuleren en een maximale doorverwijzing naar de hulpverlening.

 

Het project Proefzorg, dat in 2005 met goedkeuring van de toenmalige minister van Justitie werd gestart in het gerechtelijk arrondissement Gent, kadert perfect in deze filosofie. Proefzorg is een alternatieve afhandelingmodaliteit waarbij middelengebruikers reeds op het niveau van het parket (dus in een vroeg stadium) kunnen worden doorgestuurd naar de hulpverlening en situeert zich binnen de praetoriaanse probatie, die vooralsnog niet wettelijk geregeld is. Ondertussen werd dit proefzorgproject positief geëvalueerd, zodat we de principiële beleidsoptie nemen om dit project uit te breiden naar andere arrondissementen.

 

Uit de studie blijkt echter dat een federale implementatie slechts haalbaar is wanneer een aantal randvoorwaarden zijn vervuld, bijvoorbeeld waar het gaat over de financiering van de hulpverleningscentra en over de positionering van de proefzorgmanager (casemanager justitie).

De Dienst voor het Strafrechtelijk Beleid werd verzocht de essentiële randvoorwaarden nader te onderzoeken en een voorstel tot oplossing uit te werken waarin tevens de budgettaire gevolgen zijn opgenomen. Tevens zal voort onderzocht worden hoe proefzorg wettelijk kan worden ingekaderd, al dan niet in het kader van de strafbemiddeling.

 

Intussen werd een samenwerkingsprotocol voor de drugsbehandelingskamer ondertekend. Dit is een nieuw pilootproject, in de schoot van de Gentse correctionele rechtbank. Dit project ligt in het verlengde van het vorige project, maar situeert zich in een latere fase, namelijk op de rechtszitting. Zetel, parket, balie, hulpverlening en justitiehuis zijn tot een nauwe samenwerking gekomen die op het niveau van de rechtbank een snelle doorverwijzing van de drugsgebruikende beklaagde naar de hulpverlening mogelijk maakt. Dit project zal starten op 1 mei 2008 voor een duur van 2 jaar, waarna het eveneens het voorwerp zal uitmaken van een uitgebreide evaluatie door de Dienst voor het Strafrechtelijk Beleid. Op termijn zullen we ook hier de mogelijkheden van verdere implementatie nagaan.

 

Justitie wil dat het overleg start in de algemene Cel Drugsbeleid, zoals voorzien in het reeds federaal goedgekeurde samenwerkingsakkoord.

 

* Recente cijfers van de federale politie tonen immers aan dat aantal ontdekte cannabisplantages in ons land de afgelopen jaren spectaculair gestegen is (2003: 18 – 2004: 66 – 2005: 136 – 2006: 246 – 2007: 460). Eenzelfde evolutie wordt vastgesteld in verband met drugstoerisme, waarbij het zowel gaat om de coffeeshops in Nederland, aankoop in drugspanden in centrumsteden met gebruik van drugsrunners als op de parking en discotheken in de grenszone met Frankrijk.

 

Voor de volledige beleidsnota van justitieminister Van Deurzen, zie www.just.fgov.be/communiques/2008/04/doc/declaration.doc

 

De kamerdebatten van 2003 vormen de basis voor de beleidsnota. Laat u verrassen door de ‘deskundigen’ van dienst.