Montjean-sur-Loire, Festival de Fibres et Musique

 

 

Tekst en foto's: ©Meve

Nederlandse bewerking: ©JosNijsten2003

 

We zweven tussen vakantie en intensief werk. De mooie streek, de heerlijke wafels, pannenkoeken, kaas en grote wijnen, de hartelijke ontvangst door de organisatoren en de chanvriers (hennepboeren), de afspraken, demonstraties en animaties… Montjean heeft ons helemaal veroverd.

 

 

Lied van het land, muziek van de mensen

 

We hebben mensen ontmoet die een hechte band hebben met de aarde en zijn ritmes, spontane vriendschappelijke contacten, vol vrolijke ongeremdheid in hun woorden.

 

Is het misschien de gevorderde leeftijd van de anciens onder de chanvriers die hen doet stralen als kinderen, ze vinden in elk geval een verrassende vitaliteit terug vanaf het ogenblik dat zij de handelingen van de traditionele hennepteelt demonstreren.

 

Dat vereiste samenwerking, menselijke warmte en positieve energie. Het festival van Montjean (de t wordt uitgesproken) is waarschijnlijk het enige in Europa waarin de goede verstandhouding tussen de mens en de hennepplant verduidelijkt wordt.

 

Een ander opmerkelijk feit is dat de meeste leden van de organisatie de hennepteelt uit de vervlogen tijden van de Loirevallei, nog gekend hebben. Zij bezitten een brede kennis van zowel de geschiedenis als van de nieuwe toepassingen van de plant.

 

Zij wekken zelfs de nieuwsgierigheid op naar de kwaliteiten van andere vezelplanten, voornamelijk vlas en netel, die ook op het festival voorgesteld worden.

 

 

Een beetje geschiedenis

 

De hennep (chanvre), oorspronkelijk uit Centraal-Azië, werd in Frankrijk gedurende twee eeuwen op industriële schaal geteeld. In 1840 neemt de hennep met groot succes de plaats in van vlas. De teeltoppervlakte loopt op tot 176.000 hectaren. Verschillende factoren veroorzaken beetje bij beetje het verval: goedkope ingevoerde hennep uit Italië, Turkije, China, landen uit het Oosten…, tropische vezel van mindere kwaliteit zoals manillahennep (een Filippijnse bananenvariëteit), sisal, enz. Schepen vervingen hun zeilen door stoomenergie, en tenslotte komt de synthetische vezel, de nylon, op de markt. De hennepteelt valt terug tot 100.000 hectaren in 1862, 40.000 in 1882, en in 1914 blijft slechts een oppervlakte over van 12.000 hectaren.

 

Tabak, teenwilg en maïs nemen de plaats in van de hennepteelt. Nochtans komt er omstreeks 1933, met de oorlog in het vooruitzicht en de angst zich niet meer buiten de grenzen te kunnen bevoorraden, een heropleving van de Franse hennepteelt. In Le Mans wordt een comité van henneptelers opgericht om het geheel van de kwaliteitscontrole en de aanmoedigingspremies van de overheid, in goede banen te leiden.

 

De interesse voor de plant is groot gebleven in deze regio. In tegenstelling tot andere plaatsen in Frankrijk waar doorgaans in kleine hoeveelheden voor huishoudelijk gebruik geteeld werd (textiel, kleren, lampolie, koorden, enz), was de hennep in de Loirevallei en in de streek van de Sarthe, een essentieel onderdeel van het inkomen van de boeren. Elke boerderij had minstens een halve hectare hennep voor eigen behoefte en voor een verzekerd inkomen. De productie van de dorpelingen werd verwerkt in de talrijke ateliers waar zeilen en koorden gemaakt werden voor de hele regio. Angers telde bijvoorbeeld vijf vezelverwerkende bedrijven die de havens en de scheepswerven bevoorraden van de France Atlantique.

 

De sluiting van de laatste grote fabriek van Bessonneau markeert het einde van de industriële hennepteelt in Montjean. Het bedrijf stelde tussen de negen en twaalfduizend mensen tewerk in de productie van vezels voor koorden, brandslangen, postzakken, enz…

 

Niet ver daarvandaan in Saumur en Beaufort, wordt de teelt voortgezet voor het oliehoudend zaad. De productie is bestemd voor vogelzaad, visvoeder en in olievorm voor de samenstelling van verven, vernis en cosmetica. In andere Franse departementen wordt hennep geteeld voor de productie van speciale papiersoorten (bijbels, sigarettenpapier, bankbiljetten, en zo meer).

 

 

Van zaadje tot vezel

 

Het snelle uitkomen van de hennepscheuten (vier tot vijf dagen) en de dichtheid van de teelt verstikt het onkruid. Dat maakt onkruidverdelgers overbodig. Er is maar één vijand van de plant bekend, de bremraap, een plant zonder chlorofyl die op de wortels groeit.

 

Deze parasiet valt ook tabak aan, rijst, bonen,… Hij maakt de hennepvezel broos zodat de oogst waardeloos wordt. De parasiet verspreidt zich erg gemakkelijk: één enkel bloempje van de bremraap kan tot 7.000 zaadjes bevatten, zo fijn als stof.

 

Omdat een hennepplant drie tot vier parasieten kan dragen, elk met een twintigtal bloempjes, is het zeer moeilijk om de plaag in te dijken. Deze parasiet is jammer genoeg aanwezig in de velden van Montjean sinds de jaren vijftig.

 

Sommige terreinen zijn dermate besmet dat de hennepteelt er onmogelijk is geworden. Een saaie handmatige zuivering is voorlopig het enige verweermiddel.

 

De hennepkwekers werkten vroeger samen. Ze oogstten samen een deel bij de ene, dan bij de tweede, en zo verder. Enkele boeren volgden de maaimachine en bonden de afgesneden hennepstengels samen in bundels, die met karren naar de rivier gebracht werden om te roten. Het roten behoorde ook nog tot de gemeenschappelijke taken van de boeren, maar het breken van de hennep was individueel werk voor de winter, elk in zijn eigen boerderij.

 

In de Loirevallei is de hennep na vier maanden volgroeid.

 

Einde augustus, begin september krijgt de plant een mooie gele kleur, rijp voor de oogst. Die snelle groei laat toe dat er geteeld wordt op de oevers van de rivier vóór de hoge waterstanden van het najaar.

 

Het aangespoelde slib is een ideale voedingsbodem voor de hennepteelt. De grond is luchtig en zanderig, wat het uittrekken van de oogstbare planten vergemakkelijkt.

 

De stroming van de rivier maakte het roten van enorme hoeveelheden mogelijk. De ondergedompelde hennep verliest zijn chlorofyl terwijl bacteriën de vezels vrijmaken. Na vier tot acht dagen, afhankelijk van de weersomstandigheden, worden de barges terug uit het water gelicht.

 

"Dat is een moeilijk werk", zegt France Trottier. "De hennep is in massa verdubbeld en heeft zijn stijfheid verloren. De misselijk makende geur is ook haast ondraaglijk." De geur is vergelijkbaar met die van rottende algen. In Montjean werd destijds zoveel hennep geroot dat de stank wekenlang in het gebied bleef hangen.

 

Doordrongen met water werden de bundels een dag in tourettes samengezet om uit te lekken. De dag nadien is het roten gedaan. De bundels worden opengelegd om het effect van de dauw te ondergaan. Dat bleekt de vezel en verhoogt de waarde. Hij is zuiverder en van een merkbaar betere kwaliteit. Na drie, vier dagen worden de stengels gekeerd. Om het drogingproces te vervolledigen worden de bundels terug in tourettes gezet voor langere tijd, afhankelijk van de weersomstandigheden. Eens gedroogd wordt de hennep in een schuur opgeslagen voor de winter.

 

Voor het roten wordt tussen twee staken een vlot (barge) gebouwd van 6,5 meter lang en 3 meter breed met opeengestapelde hennepbundels.

Bovenop de hennep komt dan een laag stro voor de bescherming tegen vuil. Het geheel wordt verzwaard met een laag zand.

 

Vanaf november begon het individuele werk, het breken (braken) van de hennep om de vezel te scheiden van het hout. Eerst werden de bundels een tiental uren gedroogd in een oven bij een temperatuur van 60 graden. De boeren gebruikten daarvoor een ruimte boven hun broodoven.

 

Oorspronkelijk gebeurde het breken van de vezel handmatig met een braker, een eenvoudig werktuig met twee getande houtblokken waartussen de stengels platgeslagen werden.

 

Omstreeks 1945 kwam de mechanische braker in gebruik, aangedreven met paardenkracht. Het hennepbraken was zwaar werk. De grote hoeveelheid opwaaiend stof irriteerde de luchtwegen en veroorzaakte opstoten van koorts. De vezelbundels werden dan door een kam getrokken, dubbelgevouwen en in strengen gevlochten.

 

Voor de verdere verwerking werden de strengen in pakken van 25 kilogram samengebonden.

 

Een makelaar van de verwerkingsindustrie bezocht de boeren tussen januari en maart om hun oogst op te kopen. Dat was een belangrijk moment voor de chanvriers, want dan ontvingen ze het loon van een heel jaar werken.

 

Om de vezel na het braken verder te zuiveren werden de vezelbundels door de "lisseuse" gehaald, twee sneldraaiende geribde cilinders waartussen de laatste houtresten losgemaakt werden. Die resten werden gebruikt om de oven te stoken, het huis te verwarmen, of als stalstrooisel voor de dieren.

 

Het kammen is de laatste etappe in de reiniging van de hennep.

 

 

Het festival

 

Om de oorsprong en de evolutie van het festival te kennen, bezochten we Georges Viaud, organisator van de eerste edities, en Marie-Bernard Oger, huidig voorzitter van de inrichtende vereniging Aflam (*).

 

G. Viaud: "Het idee om een festival te organiseren ontstond in het Ecomuseum van Montjean dat in 1986 geopend werd. Onder het voorzitterschap van Philippe Cayla begonnen enkele oude hennepboeren met het demonstreren van een aantal handelingen uit de hennepindustrie. In de jaren 80 was er een vraag naar eerherstel voor het landleven, de oogstfeesten na het maaien, het dorsen, enzomeer. De jongeren begonnen vragen te stellen aan de oude chanvriers en de belangstelling groeide. Om hun demonstraties in het museum verder uit te breiden besloten enkele henneptelers een buurtfeestje te organiseren in een boerderij. Het succes was overrompelend en de hulp van het feestcomité van Montjean werd ingeroepen om voor de nodige infrastructuur te zorgen. Ik was toen voorzitter van dat comité.”

 

 “De samenwerking werd uitgebreid en de festiviteiten werden verplaatst van de boerderij naar de oevers van de Loire. Als voorbereiding voor het festival van 1987 werden duizend vierkante meters hennep ingezaaid zodat de chanvriers alle stappen van de hennepteelt aan het publiek konden tonen."

 

Marie-Bernard Oger: "De oorspronkelijke bestemming van het festival was het eerherstel van een oude traditie, de hennepteelt, en het voortzetten van de kennis over een bedrijvigheid die zo typisch was voor de Loirevallei. Het feest heeft zich ontwikkeld tot een belangrijke gebeurtenis in het leven van de Montjeannezen.”

 

Eerst was het maar één dag, nu zijn het er vier. In die beginperiode was er nog een ander cultureel evenement dat jaarlijks in de maand mei georganiseerd werd. Dat was een festival van traditionele muziek waarvoor we groepen uitnodigden uit het buitenland (die eer was in 2003 onder meer voorbehouden aan Mongolië met een concert in de kerk).

 

Veel aandacht was er voor de markt langs de waterkant: hennepproducten, lekkere hapjes en muziek en zon, alle ingrediënten voor een geslaagd festival.

 

In 1994 werd dan de Broederschap van de Henneptelers (Confrèrie des Chanvriers) opgericht en de twee feesten werden één festival. De samensmelting van de twee evenementen heeft een andere dimensie gegeven aan de ontmoeting en de culturele uitwisseling op het Festival du Chanvre.

 

Dat aspect is heel concreet: de genodigden worden ontvangen en ondergebracht bij de families van Montjean. Er ontwikkelt zich een persoonlijke band en de muzikanten leven volledig mee met het dagelijkse ritme van het dorp, met alle kleine en grote momenten. Andere verrijkingen volgen daar vanzelf uit.

 

Het festival heeft bijvoorbeeld zijn weerslag op de moderne hennepindustrie op het gebied van textiel, voeding, cosmetica, bouwmaterialen, enz. Talrijke producten worden voorgesteld op de kleurrijke standjes langs de waterkant. Ook de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van de industriële hennep krijgen veel aandacht. Vorig jaar werd gekozen voor het thema 'Constructie' met bouw- en renovatiematerialen uit hennep.

 

“De naam Festival du Chanvre werd vorig jaar Festival de Fibres en Musique nadat in 2002 problemen waren ontstaan, te wijten aan de verwarring die in de media gezaaid werd tussen de industriële hennep en de recreatieve cannabis. Maar ondanks deze aanpassingen blijft de structuur en de geest van het festival intact. De introductie van andere vezelplanten in ons programma biedt trouwens bijkomende mogelijkheden. Het vlas en de netel krijgen in een tentoonstelling bijzondere aandacht als grondstof voor textiel en, wat de netel aangaat, voor zijn therapeutische eigenschappen. Een aantal van die producten zijn al te koop op de markt langs de waterkant. Hun aanwezigheid is nog zeer discreet, maar dat was met de hennepproducten ook het geval. Alles heeft tijd nodig."

 

 

Montjean, een dorp vol leven

 

We stelden ook enkele vragen aan burgemeester Christian Mayet die ons meer vertelde over de impact van het festival op het leven in Montjean.

 

Christian Mayet: "Tot 1860 was Montjean de eerste haven van de Loire. Omstreeks 1840 vaarden er jaarlijks zesduizend boten in en uit. De Montjeannezen fabriceerden zelf lange platte zeilvaartuigen, evenals rudimentaire schuiten die slechts eenmaal gebruikt werden en bij hun aankomst stroomafwaarts afgebroken werden om het hout te recupereren. De vaartuigen die hier gebouwd werden garandeerden een zekere havenbedrijvigheid, nauw verbonden met het transport van wat in Montjean geproduceerd en geteeld werd.

 

De grond in de regio bevat ook verschillende primaire grondstoffen: kalksteen, een materiaal dat op marmer gelijkt en gebruikt werd voor de wegenaanleg, maar ook kalk en steenkool werden er ontgonnen. Voor de landbouw was de hennep een essentieel onderdeel, tot 1964.

 

De wijn- en boomgaarden zijn er nog steeds. En in Montjean staat ook de productie-eenheid van schoenenfabrikant Eram, die werk verschaft aan talrijke mensen uit de omgeving.”

 

 “De inbreng van het gemeentebestuur voor de feestelijkheden situeert zich op het vlak van de logistiek en de technische infrastructuur. Gemeentelijke diensten werken mee aan de organisatie tijdens de laatste twee weken die eraan voorafgaan, voor de installatie van tenten, stroom- en watervoorziening, en dergelijke. De impact van het festival is niet alleen voelbaar in Montjean, maar in heel de regio. Het is grotendeels het werk van Aflam, die het festival organiseren. Zij werken samen met de tweehonderd vrijwilligers die vier dagen voltijds met het festival bezig zijn, en een tiental oude chanvriers die de hennepverwerking demonstreren. Daarnaast kunnen we rekenen op een groot deel van de 2.500 inwoners van Montjean, en er is steun uit omliggende dorpen.

 

Het festival past ook perfect in de toeristische promotie van de regio. Een aantal projecten heeft al concreet vorm gekregen, onder meer de uitwerking van een parcours voor fietsers (La Loire à vélo) en een aantal wandelroutes rond het thema plastische kunsten met sculpturen in open lucht. Aan de oevers van de Loire voorzien we de uitbouw van strandactiviteiten en de aanleg van een speeltuin voor kinderen. Een ander project sluit aan bij de filosofie van het Festival de Fibre en Musique en dat gaat over het eerherstel van de traditionele visvangst, het roken van de vissen, en de scheepsbouw. We hopen daarmee toch een deel van de oude glorie van de haven van Montjean terug te vinden. De constructie van een rokerij voor vis is al voorzien evenals een atelier voor de demonstraties van de hennepverwerking.”

 

De henneptoekomst van Montjean

 

Daarover spraken we met Jean-Marie Trottier, afstammeling van een familie van hennepkwekers, vice-voorzitter van Aflam en hennepspecialist.

 

Jean-Marie Trottier: De jongeren voelen zich betrokken bij het festival en de hennepverwerking. Ze zijn sterk vertegenwoordigd in de groep vrijwilligers, ze zitten in de organisatie van het festival en in de Confrèrie des Chanvriers. Maar ondanks de interesse bij de jongeren zal het moeilijk zijn om, zelfs met de nieuwe toepassingen, de hennep volledig te rehabiliteren in Montjean.

 

Er zijn geen vezelverwerkingsbedrijven meer in de regio. Een nieuwe fabriek bouwen kost veel geld en de kostprijs voor het transport naar bestaande verwerkingsbedrijven in andere regio is te hoog. Er is dan ook niet echt een mogelijkheid voor een hernieuwde industrie, op dit moment althans. Het is nu haast een verplichting om een overeenkomst met een verwerkingseenheid op zak te hebben. Dat is thans het geval met een project waarvoor acht hectaren werden ingezaaid, waarvan vier in Montjean en vier op het Ile de Chalonnes hier niet ver vandaan. Het project heet Mission Bocage en maakt deel uit van het ATEnEE programma (Actions Territoriales pour l'Environnement et l'Efficacité Energétique).

 

Het gaat om de bescherming van hagen, namelijk het afdekken van de grond met natuurlijk strooisel tijdens de eerste twee, drie jaar van de groei. Het verhindert het uitkomen van onkruid en het rotten van de wortels.

 

Tot voor kort werden bomen en hagen afgedekt met plastiek. Maar in 2002 heeft de Europese Unie de subsidie voor synthetische vezels afgeschaft. De keuze om hennep te gebruiken, in de vorm van houtafval (chènevotte) of groffe vezelmatten, eerder dan andere mogelijke planten zoals cocos is natuurlijk weloverwogen en verbonden aan de sterke traditie in de Loirevallei. Voor dit project worden de brakers van Montjean opnieuw in dienst genomen omdat er geen andere machines voorhanden zijn.”

 

 

Een kleine anekdote

 

France Trottier, oude hennepkweker, vertelt ons met een (helaas) niet te imiteren plezier een grappig verhaal.

 

Een oude hennepkweker was bezig met het stapelen van de geoogste hennep in de rivier om te roten. Op de oever volgde een groepje jongeren de bewegingen van de man in het water en barstten regelmatig in lachen uit.

Een beetje geïrriteerd riep hij uit: "Maar waarom staan die jonge idioten daar zo te lachen?" En hij werkte mopperend verder terwijl hij, ieder keer als hij zich bukte, zijn blote billen toonde… in die tijd was een slip immers overbodig!

 

(*) Aflam, vereniging voor festiviteiten en vrijetijdsbesteding in Montjean, bestaat al meer dan tien jaar. Momenteel zijn er een twaalftal personen actief op het kantoor. De vereniging is onafhankelijk maar dat neemt niet weg dat de gemeente steun geeft aan projecten van Aflam of de logistiek voor haar rekening neemt.

 

Coordinaten van Aflam:

Rue de l'Aumônerie, 4

49570 Montjean-sur-Loire

Telefoon: 0033(0)241.39.46.27

Internet: http://defibresenmusique.fr/ - https://www.instagram.com/defibresenmusique/

 

 

Bronnen

 

De informatie over de geschiedenis, de verwerking van de hennep en het festival zelf haalden we uit teksten en video van Patrick Gendron en Philippe Cayla, uit het Ecomuseum, maar ook uit getuigenissen van de oude hennepkwekers (France Trottier, Francis Gourdon, …) die we tijdens het festival ontmoetten en in het bijzonder de personen die we konden interviewen: Jean-Marie Trottier van Aflam (l'Association fêtes et loisirs à Montjean), George Viand, een van de eerste organisatoren van het festival, Marie-Bernard Oger, huidig voorzitter van Aflam, Christian Mayet, burgemeester van Montjean, en France Trottier, het boegbeeld van de oude chanvriers.